De Telegraaf: de bestrijder van Pim Fortuyn
Van Fortuyn-bestrijder tot Fortuyn-erfgenaam
De Telegraaf profileert zich al jaren als de krant van “het andere geluid”. Vele oud-NOS kijkers die de eenzijdigheid van de door de overheidsgeld gesubsidieerde staatsomroep zat zijn geraakt komen uit bij deze krant. Zij is het opvangcentrum geworden nadat het vertrouwen in de publieke omroep en andere gevestigde media is afgebrokkeld.
De Telegraaf is nét salonfähig genoeg om trots met die krant op schoot in de trein te zitten zonder gek aangekeken te worden door de goegemeente. Maar wie De Telegraaf serieus bestudeert, ziet iets anders: geen oppositiekrant, maar een zorgvuldig afgebakend kanaal waarin onvrede wordt opgevangen, gestuurd en begrensd.
De Telegraaf is namelijk sinds kort overgenomen door één van de grote Belgische families. De verhalen van rijke Belgische families zijn veelal bekend bij De Telegraaf lezers. “Ja, dat zijn die linkse kranten van het AD, Trouw enzovoorts toch!?”, hoor je veel Telegraaf lezers denken. Enfin, ook De Telegraaf valt onder de Belgen.
Wie de geschiedenis en de huidige eigendomsstructuur van De Telegraaf serieus bestudeert, ziet in haar eigen historie geschreven dat zijzelf de bestrijders waren van Pim Fortuyn. Terwijl diezelfde Fortuynisten vandaag de dag De Telegraaf koesteren in het Nederlandse medialandschap. Ironisch gezien het volgende citaat in de eigen archieven van De Telegraaf: “In deze jaren (2001-2002 red.) was De Telegraaf bestrijder van Pim Fortuyn, waarop Fortuyn in de uitzending van Businessclass op 10 februari 2002 dreigde de krant kapot te maken.”
Wie de eigen archieven van De Telegraaf erop naslaat, ziet een consistente lijn: Fortuyn werd weggezet als gevaarlijk, instabiel, onbetrouwbaar. Niet als legitieme systeemcriticus, maar als risico voor de democratische orde. Dat was geen incident, maar beleid — gedeeld met de publieke omroep en andere grote kranten. Het is niet voor niets dat na de dood van Fortuyn hoofdredacteuren, waaronder die van De Telegraaf, op de nationale televisie bijeenkwamen om zijn dood en de rol van de media daarvan te bespreken.
Dat roept een vraag op die zelden gesteld wordt:
hoe kan een krant die Fortuyn bestreed, nu worden gezien als zijn ideologische erfgenaam?
Het antwoord ligt niet in ideologie, maar in de bedrijfsstructuur met aandeelhouders die de benoemingsmacht hebben. Vergeet de uitvoerende macht. Het is de benoemende macht die daadwerkelijke controle heeft over een organisatie.
Mediahuis
Sinds 2017 is De Telegraaf onderdeel van Mediahuis, een Belgisch mediaconcern met titels in Nederland, België, Ierland, Duitsland en Luxemburg. Sinds De Telegraaf onderdeel is van Mediahuis, is zij ingebed in een internationaal mediaconcern met duidelijke economische en politieke netwerken. Mediahuis presenteert zich als neutrale uitgever, maar eigendom doet ertoe — altijd.
Centraal binnen Mediahuis staat Thomas Leysen, jarenlang voorzitter van de raad van bestuur. Leysen is geen journalist en maakte zijn naam in de staalindustrie, onder meer als topman van ArcelorMittal Belgium. Hij is een zwaargewicht uit het Europese bedrijfsleven en was lid van de lobbygroep European Round Table of Industrialists (ERT).
Dit is geen denktank, maar een invloedrijk lobby- en adviesorgaan van top-CEO’s van grote Europese multinationals. Sinds de jaren tachtig heeft de ERT een aantoonbare rol gespeeld in het stimuleren van bijvoorbeeld het invoeren van de euro.
Daarnaast is hij lid van de Trilateral Commission, een besloten netwerk dat sinds de jaren zeventig invloedrijke figuren uit Noord-Amerika, West-Europa en Azië samenbrengt. De commissie heeft geen formele macht, maar fungeert als ideeën- en netwerkplatform waar beleidskaders worden afgestemd tussen politieke leiders, bedrijfsleven, academie en media. U weet wel, net zoals het World Economic Forum volgens Mark Rutte “maar een praatclub” was.
Voor critici — en zeker voor mensen die zich herkennen in het gedachtegoed van Pim Fortuyn — is dit precies het probleem: beleid en wereldbeelden worden voorbereid in netwerken die buiten het directe bereik van kiezers en parlementen vallen. U financiert met uw abonnement op De Telegraaf een lid van de trilaterale commissie.
Thomas Leysen is tot slot niet alleen voorzitter van het Mediahuis, maar ook deelnemer van de Bilderberg-stuurgroep. Dat plaatst De Telegraaf onvermijdelijk in een bredere machtscontext. De Bilderberg-stuurgroep is geen debatclub, maar een besloten netwerk waar politieke, economische en mediatieke elites (zoals ons koningshuis) elkaar ontmoeten, agenda’s verkennen en relaties onderhouden — buiten publieke verantwoording om.
Voor lezers die zich herkennen in Fortuyns kritiek op ondoorzichtige elites en technocratische macht is dit geen kleinigheid, maar een daadwerkelijk teken dat er iets goeds mis is in de structuur van De Telegraaf.
Het betekent overigens niet dat journalisten direct worden aangestuurd, maar wel dat de krant eigendom is van een concern waarvan de top actief participeert in dezelfde internationale netwerken die Europese integratie, geopolitieke consensus en economische globalisering vormgeven. In zo’n context wordt kritiek zelden verboden, maar vaak begrensd: zichtbaar fel, maar structureel ongevaarlijk. Dat is geen samenzwering, maar een klassieke dynamiek van macht, netwerk en media.
Wie goed op de kritiek van De Telegraaf let als het gaat om het klimaatbeleid, ziet dat De Telegraaf vrijwel nooit de daadwerkelijke invloed van de mens op het klimaat bekritiseert. Het gaat enkel over de kosten van het beleid, de irrationaliteit - maar nooit over het daadwerkelijk in twijfel trekken van de gehele stelling dat de mens hier grotendeels verantwoordelijk voor is én er dus iets aan zou moeten doen.
Deze nuance is niet alleen redactioneel, maar past ook in het belang van één van de grote aandeelhouders Guus van Puijenbroek die via hun family-office VP Capital aandeelhouder en van 2012 tot en met 2019 commissaris bij De Telegraaf Media Group (vóór de overname van het mediahuis) was en nu een aandeelhouder van het Mediahuis.
Hij is actief als impact-investeerder die zijn kapitaal en netwerk inzet voor duurzame vooruitgang zoals klimaat, biodiversiteit en sociale gelijkheid. VP Capital profileert zichzelf als een “impact-gedreven” investeerder die investeert in sectoren als cleantech, energie en agrifood, en streeft naar CO₂-neutraliteit. Ook investeert hij in de eiwittransitie die bestaat uit het onder andere eten van insecten.
Dat kan een spanningsveld creëren: enerzijds profileert De Telegraaf zich als kritisch over klimaatbeleid, anderzijds ligt de bredere investeringsstrategie van een belangrijke eigenaar juist in lijn met zijn klimaatinvesteringen.
Wat betekent dit voor De Telegraaf?
Het gaat niet om de vraag of Thomas Leysen individuele journalisten aanwijzingen geeft. De vraag is subtieler — en veel belangrijker:
Wat gebeurt er met een krant die zich presenteert als anti-establishment, wanneer ze eigendom is van een concern dat diep verweven is met de internationale netwerken van juist dat establishment?
In zo’n context ontstaan geen officiële verboden onderwerpen, maar wel onzichtbare grenzen:
Kritiek op de NAVO blijft vaak abstract of moreel van aard
Kritiek op de EU richt zich vooral op procedures, niet op de kern van de macht
Globalisering wordt zelden besproken als een kwestie van wie werkelijk de macht heeft
Elite-netwerken verschijnen alleen in overdreven, karikaturale vormen
De Telegraaf kan zo wél fungeren als uitlaatklep voor onvrede, maar niet als instrument voor fundamentele machtsanalyse. Boosheid wordt gekanaliseerd, maar zelden op de structuren gericht waarbinnen de eigenaar zelf actief is.
Van Fortuyn naar beheerst verzet
Dit verklaart ook de historische paradox rond Pim Fortuyn. De Telegraaf bestreed hem toen hij het systeem écht ontregelde. Vandaag wordt zijn nalatenschap selectief omarmd — zonder zijn diepere kritiek op macht, bestuur en elitevorming.
Sterker nog, de hoofdredacteur van De Telegraaf Kamran Ullah stond in 2010 op de lijst van de VVD op plek 59. Een weliswaar lage plek, maar hij was al langer onderdeel van de VVD baantjescarroussel. Hij was bijvoorbeeld al in 2006 bestuurslid van de VVD in Amsterdam-west.
Later kwam hij bij het andere VVD-bolwerk terecht, ditmaal in de journalistiek: WNL. De omroep heeft nu een oud-persvoorlichter en spindoctor van Mark Rutte als hoofdredacteur, genaamd: Kees Berghuis. Zo heeft De Telegraaf een VVD-hoofdredacteur Kamran Ullah.
Wat overblijft, is een ingekapseld verzet met het netwerk van de VVD die uiteindelijk aan de knoppen draait. Ter herinnering, een paar dagen voor de vorige verkiezingen mocht Annemarie van Gaal een column groot in De Telegraaf schrijven - toegestaan door Kamran Ullah - met een oproep om tóch maar op de VVD te stemmen. Het riekt naar de reinste vorm van netwerkcorruptie.
De media horen in een democratie het establishment te controleren, bekritiseren - en zeker niet te faciliteren. Het establishment lijkt dan ook hedendaags geen links versus rechts schisma te zijn. Het lijkt eerder op een anti-globalistisch versus nationalistische strijd te zijn geworden. Met binnen de globalistische stroming een conservatievere en een progressievere. Vice versa exact hetzelfde.
De SP is aan de “linkerflank” een anti globalistisch geluid, zoals FVD dat aan de rechterflank is. Het establishment lijkt zich te hebben gedefinieerd tot het machtsblok van de EU, NAVO, World Economic Forum & vergelijkbare netwerken en multinationals. En alle genoemde aandeelhouders van De Telegraaf hebben min of meer belang bij elk aspect van dit establishment.
Conclusie
De Telegraaf is geen verrader van Fortuyn.
Ze was nooit zijn bondgenoot.
Ze bestrijdt vandaag niet het establishment — ze beheert de onvrede ertegen. Dat is geen zwakte, maar haar kracht. En precies daarom is zij zo geliefd bij mensen die verandering willen, maar zich nog binnen veilige kaders willen bewegen.
Het is van belang te gaan beseffen dat deze aandeelhouders enkel en alleen De Telegraaf bezitten vanwege de opbrengsten die wij voor hen genereren met een abonnement. Zeg hier je abonnement op
Mocht je dit artikel waarderen, steun mij dan hier - of niet ;)



Mediabedrijven zijn vaak verlieslatend, met name oude media zoals kranten. Aandeelhouders zijn vaak niet zozeer geïnteresseerd in de winst die het bedrijf oplevert als de mogelijkheid om een bepaald wereldbeeld bij de massa te promoten.
Ik was betrokken bij Stichting Ons Geld toen een Volkskrant journalist op gesprek kwam om een artikel te maken over hoe banken geld scheppen uit schuld. De journalist was in het begin erg enthousiast om een serie artikelen te schrijven, maar belde een week later op dat het hele project niet door zou gaan. "Geldschepping is een complot theorie" had de hoofdredacteur gezegd. De Volkskrant is eigendom van DPG Media, waar twee bankiers in de raad van commissarissen zitten. De Volkskrant is vaak kritisch op de grote bonussen die banken uitdelen, maar de structuur van het geldsysteem beschrijven is niet goed voor je carriere bij DPG media.
Goeie column voor DAK ook!
Hoe bereik je Telegraaflezers met kartel-onwelgevallige informatie?